Van dode dashboards naar levende stuurinformatie in anderhalf jaar

Je organisatie heeft tienduizenden euro’s geïnvesteerd in een BI-platform. Het staat er, het werkt, maar niemand gebruikt het. Budgethouders blijven in Excel werken en managers vragen nog steeds om losse rapportages per mail. Herkenbaar? Die lage adoptiegraad is geen technisch probleem. Het is een menselijk probleem. In dit artikel vertelt Inka Sinnige, Business Controller bij Inovum, hoe ze budgethouders en managers stapsgewijs meekrijgt in datagedreven werken. Je leest welke keuzes ze maakte, welke zes tactieken werkten en waar ze nog steeds tegenaan loopt.

De beginsituatie: geen grip, versnipperde data

Inovum is een middelgrote zorgorganisatie in Wijdemeren en Hilversum die wonen, thuiszorg en behandeling biedt voor mensen met een verstandelijke beperking. Toen Inka startte bij deze organisatie, kwam ze niet in een gespreid bedje. Data was verspreid over systemen, niemand had goed zicht op de financiële cijfers en betrouwbare rapportages waren er niet. “Ik kom uit een ziekenhuis waar ik met een druk op de knop toegang had tot alle informatie die ik nodig had. Hier was dat niet zo. Dat moest anders.”

Maar het probleem ging verder dan de techniek alleen. Budgethouders misten inzicht en vaak ook de financiële kennis om goed te sturen. Er vonden geen structurele gesprekken plaats en een goede overlegstructuur van boven naar beneden ontbrak volledig. Zonder die structuur blijven dashboards dode letters, want niemand weet wie waarover beslist en wanneer.

Het BI-platform van AAG Analytics stond er al, maar werd nauwelijks gebruikt. “De adoptie was minimaal”, vertelt Inka. “Budgethouders werkten liever in Excel dan in het dashboard.”

Als ervaren consultant met een achtergrond in procesoptimalisaties, BI-implementaties en ERP-projecten wist Inka wat er moest gebeuren. Om goede zorg te blijven leveren in een veranderende omgeving, had ze inzicht nodig. Niet over een maand, maar nu.

De pragmatische keuze om voort te bouwen op wat er was

“Vanuit mijn achtergrond was ik sceptisch over externe partijen die BI-oplossingen leveren”, geeft Inka toe. “Die leveren vaak visueel onaantrekkelijke dashboards met weinig gebruikersgemak, waardoor de adoptie laag blijft.”

Maar AAG Analytics nam die scepsis volledig weg. “Bij hen zag ik iets heel anders: een slimme datastructuur, veel mogelijkheden, verbeterde standaard dashboards en vooral een open samenwerking. Dat gaf me vertrouwen dat we hiermee verder konden.”

De keuze om door te gaan met AAG Analytics was pragmatisch. “Voortbouwen op een bestaand contract scheelt kosten en tijd”, legt Inka uit. “Bovendien zijn de rapportages gebaseerd op best practices uit de zorg, dus je hoeft niet zelf het wiel uit te vinden.”

Het belangrijkste argument? AAG Analytics kon snel aan de slag met de optimalisatie, zonder maanden voorbereiding. Voor een zorgorganisatie die grip wilde krijgen op haar financiën, gaf dat de doorslag.

Wat ook meespeelde was de open samenwerking met AAG Analytics. “De communicatielijnen waren heel kort”, vertelt Inka. “Ik kon snel schakelen met AAG over de optimalisaties die nodig waren. Ze dachten mee over onze specifieke situatie zonder meteen met dure maatwerkoplossingen te komen.”

Standaard rapportages beschermen, maatwerk uitstellen

Inka maakte een keuze die voor velen contra-intuïtief voelt. Ze ging over naar de nieuwe versie van de standaard rapportages en wilde – voorlopig – geen maatwerk.

Waarom? Omdat maatwerk inefficiënt is en foutgevoelig. Elke aangepaste rapportage betekent extra beheerwerk, meer mogelijkheden voor fouten en minder tijd om echt te leren werken met de data.

“Je hebt een goede basis nodig”, benadrukt Inka. “Als je blijft sleutelen aan de rapportages, kom je nooit in de fase waarin mensen er daadwerkelijk mee gaan werken.”

De spelregels waren simpel. Extra wensen waren pas na twee maanden gebruik bespreekbaar, en dan nog met het uitgangspunt: gebruik de standaard, tenzij… Daarnaast verdeelde Inka de gebruikers in doelgroepen. Niet iedereen kreeg toegang tot alle rapportages. “Dat geeft overzicht en zorgt ervoor dat mensen niet verdwalen in een zee van dashboards”, aldus Inka.

Waarom Inka bewust startte met imperfecte data

Veel organisaties stellen de uitrol van BI uit totdat de datakwaliteit perfect is. Inka deed het tegenovergestelde. Ze startte met de rapportages terwijl ze wist dat de data niet overal klopte.

“Datakwaliteit ontstaat in het registratieproces. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid van iedereen die data invoert”, legt ze uit. “En mensen krijgen pas drive om datakwaliteit te verbeteren wanneer ze er zelf last van hebben. Dat laatste gebeurt pas als ze inzicht hebben in de data.”

Klinkt riskant, maar het bleek briljant. Zolang niemand in de dashboards kijkt, maakt het niemand uit dat de data niet klopt. Zodra budgethouders zien dat hun cijfers niet kloppen, ontstaat er urgentie om het op te lossen. Dan wordt datakwaliteit ineens een prioriteit. Niet eerder.

 

Zeven tactieken die adoptie stimuleerden

Na de optimalisatie door AAG Analytics begon de echte uitdaging: mensen laten werken met de vernieuwde dashboards. Inka koos voor een geleidelijke aanpak met zeven tactieken die ze naast elkaar inzette.

1. Maandelijkse gesprekken met printscreens in PowerPoint

In plaats van mensen direct naar het dashboard te sturen, printte Inka screenshots uit PowerBI en besprak die in maandelijkse gesprekken. “Zo zagen budgethouders wat mogelijk was zonder dat ze zelf de drempel over hoefden”, vertelt ze. Door dit te koppelen aan de nieuwe overlegstructuur die ze opzette, kregen de cijfers meteen een plek in de besluitvorming.

2. Mailantwoorden die naar het dashboard verwijzen

Kreeg Inka een vraag over cijfers? Dan gaf ze niet het antwoord in de mail, maar wees ze naar het dashboard waar het antwoord te vinden was. “Je kunt het hier zien, werkt beter dan het antwoord is 42”, lacht ze. “Mensen moesten wennen aan de tool, en dat doe je door ze er naartoe te dirigeren.”

3. Focus op alleen de winst- en verliesrekening

Niet alles tegelijk. Inka begon met het Finance-dashboard en richtte de aandacht op de P&L. Pas toen mensen daar vertrouwd mee waren, breidde ze uit naar personeels- en productiedata. “Klein beginnen werkt beter dan mensen overspoelen met mogelijkheden die ze toch niet gebruiken.”

4. Persoonlijke begeleiding voor iedere budgethouder

Voor budgethouders die nog steeds een drempel ervoeren, plande Inka persoonlijke sessies. “Niet in een groep, maar individueel. Zo kon ik inspelen op specifieke vragen en zorgen, en mensen op hun eigen tempo laten wennen aan het dashboard.”

5. Statische overzichten eerst, interactie later

De dashboards konden veel, maar Inka liet niet meteen alle functionaliteit zien. Ze begon met statische overzichten en bouwde de interactiviteit stapsgewijs op. Filters, drilldowns en andere geavanceerde functies kwamen pas later. “Dat voorkomt dat mensen gefrustreerd raken of het opgeven omdat het te ingewikkeld lijkt”, legt ze uit.

6. Training via verhaallijnen in plaats van functionaliteitslijsten

Toen het tijd was voor formele training, koos Inka niet voor een “dit is een knop, dat is een filter”-aanpak. In plaats daarvan baseerde ze de training op verhaallijnen. “Zo beantwoord je deze vraag, en zo die vraag”, geeft ze als voorbeeld. “Mensen leren beter als ze zien hoe de tool hen helpt bij hun echte werk, niet als ze een functionaliteitslijst krijgen voorgeschoteld.”

7. Korte lijnen met de BI-leverancier

“Tijdens het hele traject hield Inka nauw contact met AAG Analytics. “Als ik tegen iets aanliep of een vraag had over de mogelijkheden, kon ik snel schakelen”, zegt ze. “Die korte communicatielijnen waren goud waard. AAG dacht mee zonder meteen alles om te gooien. Ze snapten dat we stapsgewijs wilden groeien en ondersteunden dat proces.”

Successen en uitdagingen na anderhalf jaar

Inovum is een stuk verder dan waar ze begonnen, maar het is geen sprookje waarin alles meteen perfect ging. “Veel budgethouders kijken nu maandelijks in het Finance-dashboard”, vertelt Inka trots. “De meeste managers gebruiken ook de personeels- en productiedata. De tactisch planner werkt veel met het planningsdashboard.”

Het aantal gebruikers is uitgebreid van alleen budgethouders naar ook zorgcontrol, zorgadministratie en de backoffice extramuraal. De overlegstructuur staat nu als een huis. Budgethouders weten wanneer ze hun cijfers moeten bespreken, met wie, en wat er van hen verwacht wordt. Die structuur maakt de dashboards relevant, want de cijfers komen terug in besluitvormingsmomenten.

Maar er zijn nog steeds uitdagingen. “Een aantal budgethouders ervaart nog steeds een drempel om het zich eigen te maken”, geeft Inka toe. “Ik probeer ze te stimuleren om vaker en eerder naar de cijfers te kijken, in plaats van alleen bij de maandrapportage.”

Ook wil ze dat budgethouders meer verschillende dashboards gebruiken in plaats van alleen het Finance-dashboard. En datakwaliteit? “Daar werken we nog steeds aan”, zegt ze eerlijk.

Wat je van deze aanpak kunt leren

Wat kun je leren van Inka’s aanpak? Ze hanteerde een aantal principes die je kunt overnemen als je worstelt met BI-adoptie in jouw zorgorganisatie.

Begin met de standaard dashboards
“Stel jezelf twee vragen voordat je begint”, adviseert Inka. “Ben jij ervan overtuigd dat de standaard de juiste keuze is? En kun je de besluitende stakeholders daarvan overtuigen?” Als het antwoord op beide vragen ja is, bescherm dan die standaard. Maatwerk is verleidelijk, maar het kost tijd en energie die je beter besteedt aan mensen helpen de tool te gebruiken.

Zorg voor een goede overlegstructuur
Dashboards zonder overlegstructuur zijn waardeloos. Zorg dat budgethouders weten wanneer ze cijfers bespreken, met wie, en wat er met de inzichten gebeurt. Zonder die structuur blijven dashboards een leuk speeltje waar niemand echt iets mee doet.

Begin klein en compact
Rol niet alles tegelijk uit. Begin met een beperkte set rapportages en breid uit zodra mensen comfortabel zijn.

Begin statisch, maak het langzaam dynamisch
Laat mensen eerst wennen aan het bekijken van data voordat je alle interactieve functionaliteit loslaat. Bouw complexiteit stapsgewijs op.

Neem gebruikers stap voor stap mee
Geen big bang. Geleidelijke adoptie werkt beter dan iedereen tegelijk trainen en hopen dat ze het snappen. Investeer tijd in persoonlijke begeleiding voor mensen die het lastig vinden.

Train op taken, niet op functionaliteit
Laat zien hoe mensen hun werk beter doen met de tool. “Hoe beantwoord ik deze vraag?” werkt beter dan “Hier zit het filtermenu.”

Leer nee zeggen, maar bied alternatieven
“Je eerste antwoord op een verzoek om iets anders te presenteren dan direct uit PowerBI te printen? Nee, maar een mooi alternatief is…”, adviseert Inka. “Bescherm de standaard, maar help mensen wel met wat ze nodig hebben. Zo voorkom je dat je verzandt in maatwerk.”

Zorg voor korte lijnen met je BI-partner
Een goede BI-leverancier denkt mee zonder meteen maatwerk te pushen. Zorg dat je snel kunt schakelen over optimalisaties en wensen. “Die open communicatie met AAG was medebepalend voor ons succes”, benadrukt Inka.

Adoptie is een verandervraagstuk, geen technisch probleem

Wat maakt Inka’s aanpak anders? Ze wachtte niet op perfecte datakwaliteit. Ze beschermde de standaard. Ze nam medewerkers kleinschalig mee en bouwde de complexiteit stapsgewijs op. En ze bleef realistisch over de uitdagingen. Haar achtergrond als consultant met ervaring in procesoptimalisaties en BI-trajecten hielp haar om de juiste keuzes te maken, zelfs wanneer die contra-intuïtief leken.

Belangrijk was ook dat ze haar initiële scepsis over externe BI-leveranciers opzij kon zetten toen ze de kwaliteit van AAG’s platform zag. Die combinatie van een goede BI-partner en de juiste aanpak maakte het verschil tussen weer een mislukt BI-project en een succesverhaal.

De les? BI-adoptie is geen technisch probleem maar een verandervraagstuk. Je lost het niet op met betere dashboards of meer training. Je lost het op door mensen stap voor stap mee te nemen, door te accepteren dat niet alles meteen perfect is, en door te focussen op wat echt helpt: mensen beter laten sturen op data in plaats van op gevoel. En vergeet niet: zonder goede overlegstructuur blijven zelfs de beste dashboards ongebruikt.

Worstel je met lage adoptie van jouw BI-platform? Kijk naar wat Inovum deed. Begin klein, bescherm de standaard, zet een overlegstructuur op en geef mensen de tijd om te wennen. “De cijfers worden vanzelf beter zodra mensen ze gaan gebruiken”, besluit Inka.

Meer weten? Neem contact op met Dylan!

Meer weten over Dylan trending_flat

Dylan Peters

accountmanager

Meer nieuws & inspiratie