Aanpassing beslagvrije voet per 1 juli 2026

Veel organisaties hebben te maken met loonbeslagen. Daarbij legt een gerechtsdeurwaarder beslag op een deel van het loon van een medewerker. Het deel van het inkomen dat altijd aan de medewerker moet worden uitbetaald, heet de beslagvrije voet. Alles boven de beslagvrije voet valt onder het beslag en moet maandelijks aan de gerechtsdeurwaarder worden afgedragen.

De beslagvrije voet is het minimumbedrag dat iemand nodig heeft voor levensonderhoud en het betalen van vaste lasten.

De hoogte van de beslagvrije voet hangt af van het inkomen van de medewerker. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie inkomensgroepen:

Laag inkomen

Bij een inkomen dat lager is dan of gelijk is aan de toepasselijke bijstandsnorm, bedraagt de beslagvrije voet 95% van het netto inkomen inclusief vakantietoeslag. Dit betekent dat maximaal 5% van het inkomen beschikbaar is voor beslag of verrekening.

Middeninkomen

Bij deze inkomensgroep bestaat nog recht op toeslagen, maar niet meer volledig vanwege de hoogte van het inkomen. De beslagvrije voet bedraagt 95% van de toepasselijke bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag, aangevuld met een bedrag dat afhankelijk is van de leefsituatie en de hoogte van het inkomen.

Hoog inkomen

Bij een hoog inkomen bestaat vrijwel geen recht meer op toeslagen. Voor deze inkomensgroep bedraagt de beslagvrije voet 95% van de toepasselijke bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag, verhoogd met een vast bedrag dat afhankelijk is van de leefsituatie.

Leefsituatie Maximum beslagvrije voet juli 2026
Alleenstaande € 2.208,48
Alleenstaande met kind(eren) jonger dan 18 jaar € 2.543,75
Gehuwden zonder kinderen jonger dan 18 jaar € 2.905,79
Gehuwden met kind(eren) jonger dan 18 jaar € 3.179,68

Meer weten? Neem contact op met Marije

Meer weten over Marije trending_flat

Marije de Bruijn

senior payroll consultant

Meer nieuws & inspiratie